Belastingdienst ontmoedigt gebruik van bpm-taxatierapporten

Bij het importeren van een auto en inschrijving in het Nederlandse kentekenregister, moet aangifte bpm worden gedaan. Op het bruto-bpm bedrag mag een vermindering plaatsvinden aan de hand van één van de drie berekeningen:

  1. op basis van een koerslijst;
  2. op basis van de forfaitaire afschrijvingstabel die de Belastingdienst heeft vastgesteld; of
  3. op basis van een taxatierapport (alleen voor motorrijtuigen met meer dan normale gebruiksschade en motorrijtuigen die niet in een koerslijst voorkomen)

In onze praktijk merken wij dat de Belastingdienst het gebruik van taxatierapporten aan banden probeert te leggen. Niet alleen door het aankondigen van boekenonderzoeken als in het verleden gebruik is gemaakt van taxatierapporten, maar ook door aangiften waarbij gebruik is gemaakt van een taxatierapport feitelijk niet in behandeling te nemen. Het laatst genoemde is onconventioneel te noemen.

In ongemotiveerde standaardbrieven stelt de Belastingdienst namelijk dat het overgelegde taxatierapport onvoldoende aansluit bij de staat van het motorrijtuig. Volgens de Belastingdienst kan de aangifte niet gebruikt worden voor het voldoen van de verschuldigde bpm. De Belastingdienst geeft dan geen ‘fiscaal akkoord’ aan de RDW waardoor het niet mogelijk is een kenteken voor het betreffende motorrijtuig te krijgen. Bezwaar tegen deze ‘kennisgeving’ is niet mogelijk, zo geeft de Belastingdienst in de brieven aan.

De Belastingdienst doet vervolgens de suggestie om het verschuldigde bpm-bedrag te voldoen middels het indienen van een nieuwe aangifte bpm en dit keer op basis van de koerslijst of de forfaitaire afschrijvingstabel. Gebruik van een nieuw taxatierapport is in beginsel niet meer mogelijk, omdat het RDW-inschrijvingsonderzoek dan al is afgerond. De Belastingdienst dwingt hierdoor dus geen gebruik meer te maken van het taxatierapport.

Een inhoudelijk verschil van inzicht over de verschuldigde bpm rechtvaardigt niet dat de Belastingdienst een ingediende aangifte buiten behandeling laat. Als de Belastingdienst het niet eens is met het taxatierapport, dan kan hij een naheffingsaanslag bpm opleggen. Tegen deze naheffingsaanslag staat alsdan bezwaar en beroep open.

Door deze handelwijze ontneemt de Belastingdienst de mogelijkheid om de verschuldigde bpm te berekenen op basis van een taxatierapport. Toepassing van deze methode vereist immers dat daartoe uiterlijk bij de aangifte een verzoek wordt gedaan.

Alternatief?

Een alternatief is om opnieuw de bpm-aangifte te doen op basis van één van de andere methodes. Dan wordt in ieder geval dat kenteken bemachtigd. Vervolgens kan binnen zes weken bezwaar tegen die aangifte worden gemaakt met de vermelding dat de Belastingdienst ten onrechte de eerst ingediende bpm-aangifte niet in behandeling heeft genomen. Met als bijlage een kopie van die aangifte inclusief taxatierapport, kan dan worden verzocht alsnog aan te sluiten bij deze initiële aangifte. Op deze wijze is een rechtsingang gecreëerd waarbij de taxatiewaarde alsnog op tafel ligt.

Meer hierover weten? In de avond van 17 november 2026 organiseert Vierhoff Advocaten in samenwerking met Verenigde Autobedrijven Samen Sterk (VASS) in Den Bosch hierover een bijeenkomst. Onze advocaten Percy Draijer & Carlijn van Dijk nemen u mee in uw rechten en plichten bij een boekenonderzoek door de Belastingdienst en (in het onfortuinlijke geval) als de FIOD bij u op de stoep staat. Wilt u meer informatie over deze bijeenkomst of u al aanmelden? Stuur dan een e-mail naar info@vierhoffadvocaten.nl.

Geschreven door:

mr. Carlijn E. van Dijk

Deel dit artikel

Kennisbank

Meer artikelen & actualiteiten